Common Reporting Standard (CRS) in 8 vragen

 

Voor een update van dit artikel (november 2019) kan u hier terecht.

 

1. Wat is CRS?

In de laatste jaren is er een groeiende tendens van internationale fiscale transparantie. Vanaf 1 januari 2017 zal deze tendens een nieuwe vlucht vooruit nemen. België heeft zich immers geëngageerd om vanaf deze datum, samen met 86 andere staten, een nieuwe standaard betreffende de automatische uitwisseling van financiële gegevens en inlichtingen te hanteren.[1] Deze standaard wordt de Common Reporting Standard (CRS) genoemd. De grote vernieuwing van de CRS is dat het een automatische uitwisseling van gegevens betreft, terwijl bij de meeste klassieke initiatieven betreffende internationale gegevensuitwisseling, de uitwisseling op verzoek diende te gebeuren.

Deze nieuwe standaard van gegevensuitwisseling is er gekomen onder de invloed van de OESO, en is deels geïnspireerd op haar Amerikaanse voorganger, de Foreign Account Tax Compliance Act (FATCA).[2] De CRS legt de ondertekenende Staten op informatie te bekomen van de financiële instellingen in hun jurisdictie en deze op automatische wijze te delen met de andere ondertekenende staten.[3]

2. Welke landen hebben zich verbonden?

In totaal hebben een honderdtal landen, waaronder de verschillende landen van de Europese Unie, de G20 en de OESO, zich verbonden de CRS te zullen toepassen. Maar in de lijst met ondertekenende landen vinden we ook (voormalige) belastingparadijzen als Andorra, de Kaaiman-eilanden en Liechtenstein terug. Enkele andere opmerkelijke ondertekenende landen zijn onder meer Chili, China, India, Israël, Singapore, Saudi-Arabië en Zwitserland.[4] Enkele landen hebben wel de automatische gegevensuitwisseling een jaar uitgesteld, waardoor de eerste uitwisseling van gegevens door deze staten pas zal gebeuren in september 2018, met betrekking tot informatie over belastingtijdvakken vanaf 1 januari 2017.[5] 

3. Hoe zal de CRS in België worden ingevoerd?

Binnen de Europese Unie wordt de CRS concreet opgelegd door de verruimde bijstandsrichtlijn.[6] De Europese Commissie heeft immers geopteerd voor een gecoördineerde aanpak. De richtlijn voert een systeem van jaarlijkse automatische gegevensuitwisseling in met betrekking tot de financiële tegoeden die inwoners van een lidstaat van de Europese Unie hebben bij financiële instellingen in een andere lidstaat van de Europese Unie.[7] Deze Richtlijn werd in België omgezet bij wet van 16 december 2015.[8]

4. Wat is het toepassingsgebied van deze wet?

Uit wat volgt zal blijken dat het toepassingsgebied van de wet zeer ruim is. De wet voorziet een algemeen kader voor de automatische uitwisseling van gegevens van zowel de CRS, de FATCA en de Dubbelbelastingverdragen.[9] De wet maakt waar nodig een onderscheid in de bijlagen.

De financiële instellingen die verplicht zijn te rapporteren worden in de bijlagen van de wet ruim omschreven. Het gaat over alle financiële instellingen in België, behoudens enkele uitzonderingen zoals overheidsinstanties of de Nationale Bank van België. Voor een volledig overzicht van deze uitzonderingen, verwijzen we naar de bijlagen bij de wet.[10]

Ook de te rapporteren rekeningen zijn in de wet zeer ruim omschreven. Het betreft alle financiële rekeningen die bij een Belgische financiële instelling geopend zijn en in het bezit zijn van een of meer te rapporteren personen of van een passieve NFE waarvan een of meer uiteindelijk begunstigden te rapporteren personen zijn.[11] De te rapporteren personen worden aangemerkt als personen van een aan rapportering onderworpen rechtsgebied, wederom behoudens enkele uitzonderingen, opgenomen in de bijlagen van de wet.[12]

Tot slot zijn de aan rapportering onderworpen rechtsgebieden de volgende: een andere lidstaat van de Europese Unie, de Verenigde Staten of een ander rechtsgebied waarmee België een administratief akkoord heeft gesloten en dat opgenomen is in een gepubliceerde lijst.[13] We kunnen stellen dat het toepassingsgebied van de wet zeer ruim is.

5. Waar zijn Belgische financiële instellingen toe gehouden?

De wet legt verschillende verplichtingen op aan de Belgische financiële instellingen. In het kader van de rapportering kunnen we een identificatieplicht, een rapporteringsplicht en een plicht tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer onderscheiden. In het kader van eventuele controles kunnen we ook een bewaarplicht en een overleggingsplicht onderscheiden.

De identificatieplicht vinden we terug in de bijlagen van de wet, waar ook een aantal zorgvuldigheidsverplichtingen worden opgelegd. Deze identificatieplicht houdt onder meer in dat de financiële instelling bij het openen van een nieuwe rekening voor een natuurlijke persoon gehouden is van deze persoon een verklaring te verkrijgen, waaruit zij moeten kunnen opmaken waar de rekeninghouder fiscaal inwoner is. Daarnaast zijn er verschillende procedures en (zorgvuldigheids-) regels opgenomen volgens dewelke de financiële instellingen de bestaande rekeninghouders moeten identificeren.[14]

De belangrijkste vernieuwing van deze wet is de invoering van de rapporteringsplicht. De rapporteringsplichtige financiële instellingen dienen de volgende gegevens automatisch met betrekking tot de te rapporteren rekeningen en met betrekking tot het desbetreffende kalenderjaar of een andere referentieperiode aan de fiscale administratie over te maken:

  1. Indien de rekeninghouder een natuurlijk persoon betreft: naam, adres, rechtsgebied, Tax Identification Number (TIN), geboortedatum en –plaats; 
  2. Indien de rekeninghouder een entiteit betreft: naam, adres, rechtsgebied, TIN; 
  3. Het rekeningnummer, indien mogelijk in IBAN- formaat. Bij ontbreken van een rekeningnummer wordt een functioneel equivalent gevraagd; 
  4. Naam en (eventueel) identificatienummer van de rapporterende financiële instelling; 
  5. Het saldo of de waarde op het einde van het desbetreffende kalenderjaar of een andere passende referentieperiode; 
  6. Indien de rekening in het loop van het jaar afgesloten werd, de afsluiting van de rekening; 
  7. Indien het een effectenrekening betreft: enerzijds het totale brutobedrag van de interest, de dividenden en de overige inkomsten die zijn voortgebracht door de op de rekening aangehouden activa, of die op de rekening, of ter zake van de rekening, gestort of gecrediteerd werden wanneer de rapporterende financiële instelling voor rekening van de rekeninghouder opgetreden is als bewaarder van de voornoemde interest, dividenden of overige inkomsten; en anderzijds de totale bruto-opbrengst uit de verkoop, de afkoop of de terugbetaling van een financieel actief dat in de loop van het kalenderjaar of van een andere passende referentieperiode op de rekening gestort of gecrediteerd werd en ter zake waarvan de rapporterende financiële instelling opgetreden is als bewaarder, makelaar, naamlener of als een andere vertegenwoordiger van de rekeninghouder; 
  8. Indien het een depositorekening betreft: het totale brutobedrag van de interest die in de loop van het kalenderjaar of van een andere passende referentieperiode op de rekening gestort of gecrediteerd werd; 
  9. Als het een andere rekening betreft: het totale brutobedrag dat tijdens het kalenderjaar of tijdens een andere passende referentieperiode aan de rekeninghouder gestort of gecrediteerd werd en waarvan de rapporterende financiële instelling de schuldenaar is, daaronder begrepen het totale bedrag van alle terugbetalingen die gedurende het kalenderjaar of een andere passende referentieperiode aan de rekeninghouder werden gedaan.[15]

Vanaf 1 januari 2017 is de Belgische overheid dan ook verplicht de informatie die zij uit deze rapporteringen verkrijgt, automatisch uit te wisselen met de andere ondertekenende staten. De eerste uitwisseling van gegevens aan andere lidstaten van de Europese Unie zal gebeuren in september 2017 en zal betrekking hebben op de informatie over belastingtijdvakken vanaf 1 januari 2016.[16] Dit houdt uiteraard ook in dat de Belgische fiscus toegang krijgt tot dezelfde informatie van de andere uitwisselende Staten.

Tot slot rust er op de financiële instellingen nog de plicht de persoonlijke levenssfeer te beschermen. Deze plicht omvat verschillende regels die de privacy van de personen wiens gegevens gerapporteerd worden, moet beschermen. Hier worden slechts enkele aangegeven. Dit omvat onder meer de verplichting van de rapporterende instelling de betrokken natuurlijke personen in kennis te stellen dat zijn persoonsgegevens aan de fiscale administratie zullen meegedeeld worden. Zij dienen de natuurlijke personen ook in kennis te stellen van elk lek in de beveiliging dat gevolgen zou kunnen hebben voor de persoonsgegevens van deze personen.[17] Daarnaast valt de gerapporteerde informatie onder het beroepsgeheim van de ambtenaren van de fiscale administratie.[18]

  

6. Kunnen de rapporterende financiële instellingen gecontroleerd worden?

De wet omvat verschillende regels die een doeltreffende controle door de fiscale administratie mogelijk moet maken. Ten eerste wordt er aan de financiële instellingen een bewaarplicht opgelegd. Zij zijn verplicht de elektronische gegevensbestanden die zij overeenkomstig de wet hebben meegedeeld gedurende 7 jaar (te rekenen vanaf 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op het kalenderjaar waarin zij de mededeling gedaan hebben) te bewaren. Na afloop van deze termijn dienen deze bestanden gewist te worden.[19]

Ten tweede wordt er aan de financiële instellingen een verplichting tot overlegging opgelegd. Zij moeten de fiscale administratie ter nazicht alle boeken en documenten bezorgen die nodig zijn om te bepalen of zij voldoen aan de door de wet bepaalde rapporterings- en zorgvuldigheidsplichten. Dit gaat vrij ver. Dit omvat bijvoorbeeld ook alle dossiers inzake analyse, programma’s en exploitatie van het gebruikte systeem, samen met de gegevensdragers en alle gegevens die zij bevatten, overleggen. Zij zijn echter niet verplicht deze documenten naar de fiscale administratie te brengen, enkel de overlegging in het kader van een visitatie van de fiscale administratie is verplicht.

7. Binnen welke termijn kunnen deze controles gebeuren?

De administratie heeft een termijn van 3 jaar, te rekenen vanaf 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op het kalenderjaar waarin de inlichtingen werden meegedeeld om dergelijke onderzoeken bij de financiële instellingen uit te oefenen.[20]

Deze termijn kan verlengd worden met een bijkomende termijn van 4 jaar in twee gevallen. Dit kan enerzijds gebeuren wanneer de fiscale administratie aanwijzingen heeft dat een Belgische financiële instelling niet voldaan heeft aan de rapporterings- of zorgvuldigheidsverplichtingen, en dit met een bedrieglijk opzet of het oogmerk om te schaden. Anderzijds kan dit wanneer de bevoegde autoriteit van een ander rechtsgebied de Belgische fiscale administratie in kennis stelt dat zij redenen heeft om aan te nemen dat onjuiste of onvolledige inlichtingen werden meegedeeld of dat een Belgische financiële instelling niet voldoet aan de verplichtingen die op haar rusten in het kader van een automatische uitwisseling van inlichtingen met betrekking tot financiële rekeningen.[21]

Deze controletermijnen zijn opmerkelijk. Ze zijn immers een jaar langer dan de algemene fiscale bewaar- en controletermijnen. Deze nieuwe termijnen kennen hun aanvang immers het jaar vanaf 1 januari dat volgt op het kalenderjaar waarin de inlichtingen werden meegedeeld. Het jaar dat de inlichtingen werden meegedeeld is immers het jaar dat volgt op het kalenderjaar waarop de gegevens betrekking hebben. De termijnen bedragen dus 4 (8) jaar na het kalenderjaar waarop de gegevens betrekking hebben.[22] De gewone bewaar- en controletermijn bedraagt 7 jaar te rekenen na het jaar van inkomsten.[23]

8. Zijn er sancties voorzien voor Belgische financiële instellingen?

Om de naleving van de wet te verzekeren, zijn er ook verschillende sancties voorzien. Ten eerste is er een administratieve geldboete van 1.000 euro voorzien. Deze geldboete kan worden opgelegd wanneer een Belgische financiële instelling zich onthoudt of weigert automatisch de inlichtingen aangaande één of meer te rapporteren rekeningen mee te delen zoals door de wet vereist is. Deze geldboete kan eveneens worden opgelegd indien de financiële instelling deze inlichtingen meedeelt buiten de vastgelegde termijn, of de voorgeschreven toepassingsregels voor het meedelen van de inlichtingen, met name de zorgvuldigheidsverplichtingen, niet naleeft of die onjuiste of onvolledige inlichtingen meedeelt. Deze geldboete wordt opgelegd per betrokken te rapporteren rekening.[24]

Daarnaast is er een tweede administratieve geldboete voorzien van 2.500 euro. Deze wordt opgelegd voor elke andere inbreuk op de bepalingen van de wet. Indien de financiële instellingen niet voldoen aan hun verplichting de persoonlijke levenssfeer te beschermen, zijn de sancties uit de privacywet van toepassing.[25]

Een belangrijke toevoeging hierbij is dat indien een inbreuk gebeurd is met bedrieglijk opzet of het oogmerk om te schaden, het bedrag van de bovenstaande administratieve boetes wordt verdubbeld.[26] Daarnaast is er ook beter nieuws: indien de inbreuken het gevolg zijn van omstandigheden buiten de wil van de rapporterende financiële instelling, worden de administratieve geldboetes niet opgelegd.[27]

Daarnaast verklaart de wet ook enkele strafrechtelijke sancties uit het wetboek inkomstenbelasting van toepassing.[28] Dit heeft tot gevolg dat elk van bovenstaande inbreuken die met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden gebeurt, wordt bestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met geldboete van 250 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen. Indien deze inbreuken gebeuren in het kader van ernstige fiscale fraude, al dan niet georganiseerd, wordt de schuldige gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot 5 jaar en met een geldboete van 250 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen.[29]

Ook naar de fiscale valsheid in geschrifte wordt verwezen.[30] Dit houdt in dat men met het doel een van deze misdrijven te plegen in openbare geschriften, in handelsgeschriften of in private geschriften valsheid pleegt, of die van een zodanig vals geschrift gebruik maakt. Deze wordt bestraft met een gevangenisstraf van een maand tot vijf jaar en met geldboete van 250 EUR tot 500.000 EUR of met één van die straffen alleen.[31]

Voetnoten

[1] http://www.oecd.org/ctp/exchange-of-tax-information/MCAA-Signatories.pdf.

[2] Zie voor meer informatie over de FATCA: G. VERACHTERT en F. SMET, “Internationale gegevensuitwisseling neemt hoge vlucht”, Fisc. 2016, afl. 1391, p. 3.

[3]http://www.oecd.org/ctp/exchange-of-tax-information/standard-for-automa…

[4] http://www.oecd.org/ctp/exchange-of-tax-information/MCAA-Signatories.pdf.

[5] http://www.oecd.org/ctp/exchange-of-tax-information/MCAA-Signatories.pdf.

[6] Richtlijn van 9 december 2014 van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op belastinggebied, PB. L. 359/1.

[7] K. DEFERM, “De Europese FATCA is een feit. Fiscus weet weldra alles over buitenlandse rekeningen”, Fisc. Act. 2015, afl. 2, p. 1.

[8] Wet van 16 december 2015 tot regeling van de mededeling van inlichtingen betreffende financiële rekeningen, door de Belgische financiële instellingen en de FOD Financiën, in het kader van een automatische uitwisseling van inlichtingen op internationaal niveau en voor belastingdoeleinden, BS 2015, p. 81477, hierna verwezen als “Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling”.

[9] Art. 2 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[10] Bijlage 1, B, 2. Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[11] Bijlage 1, D, 1. Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[12] Bijlage 1, D, 2. Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[13] Bijlage 1, D, 5. Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[14] Bijlagen Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[15] Art. 5 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[16] Art. 10 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.; F. SMET, “Wetsontwerp automatische gegevensuitwisseling financiële gegevens FATCA en CRS”, Fisc. 2015, afl. 1452, p.1.

[17] Art. 14 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[18] Art. 15 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[19] Art. 12, § 4 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[20] Art. 12, § 5 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[21] Art. 12, § 6 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[22] F. SMET, “Wetsontwerp automatische gegevensuitwisseling financiële gegevens FATCA en CRS”, Fisc. 2015, afl. 1452, p.1.

[23] Art. 315, art 333 en art. 354 WIB92.

[24] Art. 18 § 1 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[25] Art. 18, § 2 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[26] Art. 18, § 4 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[27] Art. 18 § 3 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[28] Art. 19, § 1 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[29] Art. 449 WIB92.

[30] Art. 19, § 2 Wet tot automatische internationale gegevensuitwisseling.

[31] Art. 450, eerste lid WIB 92.

Published under